Ons voedsel direct van de boer….Waarom eigenlijk?

Ja, waarom eigenlijk? Waarom niet vertrouwen op de producten uit de supermarkt waar de
Nederlandse Voedsel en Waren Autoriteit haar goedkeuring aan heeft gehecht. En trouwens,
wie heeft er nog tijd (en zin, niet te vergeten) om zijn/haar halve weekend te verknoeien met
het rijden van de ene naar de andere agrarisch ondernemer om de wekelijkse boodschappen in
huis te halen, terwijl met een ritje naar de supermarkt alles in een keer gehaald kan worden.

En trouwens, die boeren wonen op de meest afgelegen plekken waar je met de auto niet of
nauwelijks kunt komen, het stinkt er naar mest en kuilvoer en vaak loopt er ook nog eens een
enorme hond op het meestal modderige erf waardoor je met goed fatsoen je auto al niet eens
uit durft te komen…. Nee, dan de supermarkt…Die zit comfortabel om de hoek en een
bezoekje aan de supermarkt kan heel gemakkelijk met een bezoek aan andere zaken
gecombineerd worden. En het is nog eens sneller ook! (Oh ja, je schoenen blijven ook nog
eens schoon…)

‘Nou…euh…omdat het echt lekkerder is, dat voedsel rechtstreeks van de boer’. “Goed
verhaal kerel, lekker kort ook. Maar is smaak niet iets van persoonlijke voorkeur? En wie zegt
mij dat wat jij lekker vindt, ik dat ook wel te pruimen zal vinden? Nee, je zult toch echt met
een beter verhaal moeten komen wil je mij kunnen overtuigen…”.

Of ik een beter verhaal heb weet ik niet, maar een poging kan ik allicht wagen. Kijk, de
afgelopen jaren is er een hernieuwde interesse in kleinschalige landbouwproductie waarbij de
kwaliteit van het product en de leefomgeving van de dieren een grotere rol spelen. Dit houdt
onder meer in dat groentes en fruit niet genetisch gemanipuleerd zijn, niet bespoten met
diverse soorten insecticiden en pesticiden, dat met name varkens en kippen veel meer ruimte
hebben en net als honderd jaar geleden gewoon weer lekker rond kunnen scharrelen. Ook het
voer dat deze dieren krijgen is anders dan hun soortgenoten in de megastallen.

Verschil met vroeger

Ik kom dan zelf wel niet van de boerderij, maar mijn ouders wel en ook in mijn kennissen- en
vriendenkring zaten toen ik jong was veel boeren. Dit waren veelal kleine, gemengde
boerenbedrijven met een dertigtal melkkoeien, een stuk of vijf varkens, een koppel schapen en
natuurlijk scharrelden er kippen op het erf. Daarnaast een paar bunder mais en vaak ook nog
wel een hoekje met graan. Die bedrijven waren grotendeels zelfvoorzienend. De mais werd
gebruikt om in de winter de koeien bij te voeren en diende samen met het graan ook als
kippenvoer. Varkens werden gevoerd met wat er dagelijks overbleef aan eten op de boerderij.
Aardappelschillen, fruit dat de houdbaarheidsdatum overschreden had en de etensresten van
het gezin. Wij haalden ons vlees dan ook nooit in de supermarkt, maar met de familie werden
er in het najaar een of twee varkens en koeien geslacht en verdeeld onder de familieleden.
Thuis maakten we daar zelf dan weer gehakt van, draaiden we verse worsten en maakten we
de in Twente traditionele baklever- en bakbloedworst. De smaak van het vlees toen is echt zo
anders dan wat er tegenwoordig in de supermarktkoelingen ligt. Dat is met geen pen te
beschrijven, maar moet je ervaren.

Diervriendelijk

‘Je bent wat je eet’, zeggen ze weleens, en waarom zou dat voor dieren niet zo zijn? Varkens
en kippen in megastallen worden gevoerd met onder andere beender- en vismeel waar kunstmatige voedingssupplementen aan toegevoegd zijn. Is het gezond? Ja, anders werd het niet aan de dieren gevoerd en zou het vlees niet in de supermarkt verkocht mogen worden. Is het lekker? Nou…Nee! Soms proef je in je eitje of je karbonaadje uit de supermarkt een miniem vleugje vis door. Dat komt omdat de dieren gevoerd zijn met vismeel. Kijk, het kan absoluut geen kwaad, je wordt er niet ziek van en ook voor de dieren is het niet schadelijk. Ook boeren die dieren houden in megastallen zorgen goed voor hun beesten en hebben – in tegenstelling wat sommigen ook mogen beweren- dezelfde liefde voor hun dieren als de boeren die een stuk kleinschaliger werken. Maar in zulke bedrijven volstaat het niet meer dat de boerin met een handje graan de kippenschuur binnenkomt of met een ton etensafval in de
varkensstal om de varkens te voeren. Daarbij komt dat voor die bedrijven de milieu- en omgevingseisen zo streng zijn dat daar ook geen beginnen meer aan is.

Kwaliteit vs Kwantiteit

Varkens en kippen in kleinschalige bedrijven, de bedrijven waar wij ons eieren en vlees halen voeren de dieren op een manier zoals bij mijn grootouders de dieren werden gevoerd. En dat proef je terug in het vlees en in de eieren. Het vlees, maar ook de eieren hebben een veel rijkere smaak. Een ander voordeel is dat je in de stallen en in het veld mag kijken hoe de
dieren leven. Je ziet de scharrelvarkens in de modder rollen en hoe, maar ook waarmée ze gevoerd worden. Datzelfde geldt voor het melkvee op de boerderij waar wij onze kaas en melk halen. De dieren kunnen zelf kiezen of ze naar buiten gaan of in de stal blijven, wat ze zelf het prettigste vinden, en er lopen stagiaires van de landbouwschool in de stal die oprechte aandacht voor de beesten hebben. Ik denk dat onze bejaarden in de bejaardenflats er wat dat betreft een stuk kariger vanaf komen. Hoe professioneel en betrokken het personeel daar ook is.

Bij de boerderij waar we ons vlees halen hebben ze ook echt verstand van hun producten. Ze kunnen je adviseren over de beste bereidingswijze en waarmee je je vlees het beste kunt combineren qua groente e.d.

Vakmanschap

Hetzelfde geldt voor het tuinbouwbedrijf waar wij onze groente halen. Het is alleen wel zo dat je daar alleen kunt kopen wat er in het seizoen voorhanden is. In de supermarkt kun je jaarrond alles kopen. Ergens op de wereld zijn de omstandigheden goed genoeg om bijvoorbeeld sperziebonen, witlof of vleestomaten te oogsten. En dat ligt dan ook netjes in de supermarkt. De witlof komt uit Egypte, de sperziebonen uit Tunesië en de tomaten uit Turkije. Zo niet bij de teler waar wij naartoe gaan. Hier dus niet twaalf maanden per jaar witlof of sperziebonen, maar moet in je weekmenu rekening houden met wat er op dat moment geoogst
kan worden.

Dat is ’s zomers inderdaad een stuk gemakkelijker, maar het voordeel is wel dat wat er beschikbaar is, ter plekke voor je geoogst wordt en je zeker weet dat er geen bestrijdingsmiddelen zijn gebruikt. Dat zie je terug in de producten. Het ziet er vaak net iets minder mooi uit dan in de schappen in de supermarkt, en ja, er zit vaak een plekje op een tomaat of een appel. Maar dat weegt niet op tegen de zo veel rijkere smaak van de groente of het fruit.

Dat alleen al maakt de rit naar de teler de moeite waard. Ook daar krijgen we advies hoe we de groente het beste kunnen bereiden, en komen ze vaak met advies waar je zelf misschien niet zo gauw op zou komen. Laatst vroegen we om een witte kool, maar die was op dat moment nog niet geoogst. Daarvoor in de plaats kregen we een spitskool met de opmerking dat je die ook heel goed kon wokken. Dat hebben we gedaan, en inderdaad, het was hartstikke lekker.

Ook maak je kennis met gewassen waar je het bestaan niet van vermoedde, gewoon omdat het in de supermarkt niet rendabel is om te verkopen. Waar hetspreekwoord ‘Wat de boer niet kent, dat eet ie niet’ vandaan komt is mij dan ook een raadsel. Mijn ervaring is dat die boer vaak meer producten en gerechten kent de gemiddelde klant van de supermarkt.

Ik hoop dat ik met mijn verhaal inzicht heb kunnen geven waarom wij onze levensmiddelen bij kleine boerenbedrijven halen. Bedrijven waar de liefde voor het vak en de trots op hun producten je op het erf al tegemoet komt.

De keus is aan jou!

Is het omslachtiger? Ja, zonder meer. Je bent toch net wat langer onderweg dan in een ritje naar de supermarkt. Is het lekkerder? Ja, ik vind van wel. Het nadeel van het langer onderweg zijn weegt voor mij echter niet op tegen het voordeel van de zoveel rijkere smaak van je eten dat ’s avonds op je bord ligt. En heb je nu nog steeds zoiets van ‘Nog niet misschien dat ik
voor die klotenboodschappen de halve streek doorrijdt’, dat hoeft ook niet. Maar probeer het tenminste een keer uit. Dan kun je een weloverwogen besluit nemen.

En oh ja….Een voordeel wat de supermarkt tot voor kort nog had, namelijk, de gratis koffie, is sinds de uitbraak van Covid-19 ook verdwenen. Dus nog een reden om je verse producten eens bij een lokale boer te halen.

Geschreven door: Peter Maurik
Please follow and like us:

About the author

Marjolijn

Hoi! Leuk dat je er bent, welkom in mijn wereld waar koken en bakken een belangrijke plaats hebben.
Je kan mij niet gelukkiger krijgen dan door de hele dag in de keuken te staan. Is er een feestje dan ben ik meestal diegene die zorgt dat er hapjes op tafel... Lees meer...

View all posts

30 Comments

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *